Jad waSjem


De hand des Heren
was zwaar op mij
Hij brak alles af
in puin lag ik
gehavend

Als ik opstond
drukte Zijn hand mij neer
ontwricht
strompelde ik
in donker

Toen ging Zijn zon op
des Heren hand
onverkort
gezegend ben ik
hoewel hinkende aan de heup